Diagnose van MS

Diagnose

 

Uw klachten kunnen zeer uiteen lopen. Omdat er zoveel verschillende verschijnselen zijn, bestaat er geen eenvoudige test waarmee de neuroloog MS kan vaststellen. Daarom luistert de neuroloog goed naar de klachten die u heeft en wordt er lichamelijk onderzoek gedaan.

 

MRI-scan

Als de neuroloog een vermoeden heeft van MS, wordt er meestal een MRI-scan gemaakt. Een MRI werkt met hele sterke magneten. Vaak bevat normale kleding metalen onderdelen. Om deze reden scan krijgt u van ons eventueel speciale ziekenhuiskleding waarmee u de MRI in mag. Overigens maakt MRI geen gebruik van schadelijke straling (zoals röntgenstraling).

Tijdens de scan wordt u gevraagd stil te liggen. Bewegingen in de MRI-scanner kunnen zorgen voor onscherpe beelden die onbruikbaar kunnen zijn. Daarnaast krijgt u ook een alarmknop. Met deze knop heeft u controle over het scanproces en kunt u altijd stoppen.

Als er sprake is van MS, zijn op uw scan afwijkingen te zien in de hersenen en/of het ruggenmerg. De informatie uit deze MRI, over de klachten en van het lichamelijk onderzoek zorgt voor een betrouwbare diagnose.

 

Ruggenprik

Mocht de diagnose nog niet duidelijk genoeg zijn, kunt u een ‘ruggenprik’ krijgen. Hierbij wordt een kleine hoeveelheid vocht dat zich rond de hersenen en ruggenmerg bevindt afgenomen. Het vocht wordt onderzocht in het laboratorium op bepaalde ontstekingseiwitten die wijzen op MS.

 

Wat houdt een ruggenprik in?
Een ruggenprik is een onderzoek waarbij wat hersenvocht wordt afgenomen met behulp van een prik tussen twee wervels laag in de rug. De arts prikt tussen twee lendenwervels en in deze holte wordt wat vloeistof afgenomen. Bij dit onderzoek wordt dus niet in het ruggenmerg zelf geprikt, maar in een holte eronder.

Overigens is dit een andere ruggenprik dan een ruggenprik die u krijgt bij de anesthesist, als u bijvoorbeeld aan uw benen wordt geopereerd. Bij een dergelijke ruggenprik wordt er verdoving ingespoten, terwijl bij deze ruggenprik alleen hersenvocht wordt afgenomen.